Automatiseren met kleuters?!!

Steeds vaker hoor ik van leerkrachten dat rekendoelen in de basisschool omlaag geschoven worden naar de kleuterbouw. Misschien een gevolg van het streven naar de 1S-doelen: in de bovenbouw zijn niet alle 1S-doelen in het aanbod van de methode opgenomen, dus de leerkracht van groep 8 moet extra activiteiten plannen om ook de ontbrekende doelen aan te bieden. Dan wordt het programma te vol en worden voorliggende doelen naar lagere leerjaren opgeschoven.

Maar automatiseren van de bewerkingen tot 10 en 20 is geen doel dat je standaard aan kunt bieden aan kleuters. Kleuters leren door te spelen en te ontdekken. Als ze in de winkelhoek spelen kunnen ze het bedrag van boodschappen bij elkaar optellen en ook nog uitrekenen hoeveel geld je terugkrijgt als je met een briefje van 10 euro betaalt. Dat lukt doordat ze concreet materiaal gebruiken: muntjes of doppen die als muntjes gebruikt worden. Voor de kinderen helemaal echt en heel goed voor hun rekenontwikkeling.

Ze krijgen op deze manier begrip voor de bewerkingen optellen en aftrekken en kunnen de strategie toepassen. Dit komt overeen met de onderste laag van het handelingsmodel en stap 1 en 2 van het hoofdfasenmodel. Automatiseren betekent echter dat je op abstract niveau weet wat je doet en zonder te tellen de uitkomst weet. Een enkel kind zal dat al kunnen maar voor de meeste kleuters is dat een stap te ver die niet bij hun breinontwikkeling past.

Als je onder druk van schoolresultaten en schoolbeleid toch dagelijks gaat automatiseren met kleuters kweek je kinderen die ‘een kunstje’ kunnen zonder onderliggend getalbegrip. Ze zeggen de sommen op zoals ze een versje uit hun hoofd leren. Je doet dan meer kwaad dan goed. Ook omdat de lestijd die je besteedt aan automatiseren ten koste gaat van de tijd die je kunt besteden aan rekenactiviteiten die veel meer zin hebben: een kringactiviteit waarin elk kind handelend bezig is, in de zandtafel spelen en begrippen als voller-leger-gelijk leren gebruiken, schaduwtikkertje doen bij het buiten spelen, patronen maken op de kralenplank en in de speelzaal pittenzakken mikken in de 3e of 4e sport van het wandrek. Allemaal activiteiten die passen bij de slo-rekendoelen jonge kind.

 

Als kleuters weer écht mogen spelen ontwikkelen ze naast begrip op de rekendomeinen ook hun taalschat, motoriek en sociale vaardigheden. Ze gaan met plezier naar school. En op een dag, dat wonderlijke moment waarop ze ineens kleuter-af zijn, zijn ze klaar voor de meer abstractere rekenbewerkingen, boven in het hoofdfasenmodel en het handelingsmodel!

Helen Degenhart

Driebanlaan 6

1705 AA Heerhugowaard

helen@degenhart.nl

06 53 85 79 79